Het is vrijdagmiddag 17:30 uur, tijd om naar huis te gaan, na een dag gewerkt te hebben. Ik meld me netjes af op mijn laptop en pak mijn spullen in, zet het licht uit en pak buiten de fiets richting het busstation in Veghel.
Op het busstation aangekomen, moet ik nog een kleine 10 minuten wachten tot de bus 152 met als eindbestemming Eindhoven komt.
Ik stap in, laat mijn strippenkaart door de buschauffeur afstempelen en zoek redelijk achter in de bus een plekje. Er is links en rechts een plek, precies achter de achterwielen van de bus, waar je de meeste beenruimte hebt. Daarom ga ik daar meestal zitten, als er plek is tenminste.
Ik zet mijn mp3-speler aan en zet het volume op 3 streepjes van het maximum van 20, zodat ik het zelf kan horen maar niemand er last van heeft.
Maar na enkele minuten, wanneer de bus nog staat te wachten op het busstation, zet iemand achter mij een mobieltje of mp3 speler vol open. “…smoke weed, smoke weed, smoke weed..” en dat blijft zich maar herhalen.
Omdat ik niet de hele busreis, een half uur, naar dat nummer wil luisteren en waarschijnlijk de rest van de bus ook niet, vraag ik vriendelijk de persoon in kwestie om de muziek zachter te zetten.
Hij begint meteen met “Ja, maar jij bent toch ook muziek aan het luisteren?” Ik antwoord netjes door aan te geven dat ik muziek aan het luisteren ben, zonder dat iemand mee hoeft te luisteren. Dat is bij hen, het waren namelijk 3 jongens van 16-18 jaar die verspreid over 3 maal 2-zitsbanken verspreid zaten achter in de bus, niet het geval.
Een jongen zegt tegen zijn vriend, dat hij de muziek niet zachter moet zetten, maar de jongen in kwestie zet de muziek toch uit.
De bus stopt nog enkele malen in Veghel en voordat de bus de snelweg opdraait, gaat de muziek weer aan, steeds luider.
Je denkt, ik kan me wel weer omdraaien, als ze het 10 minuten geleden al niet snapten, dan zal het nu niet veel anders zijn.
Na enkele minuten is de muziek weer uit.
De bus rijdt over de snelweg tot de bus op de John F. Kennedylaan komt en na kort te hebben gewacht de verkeerslichten kan passeren.
Helaas gaat nu weer de muziek aan, doordat de bus nu een stuk minder snel rijdt, is het geluid van de muziek zo overheersend dat mensen geërgerd naar achteren in de bus kijken.
Ik waag toch nog maar een poging om ze te verzoeken de muziek zachter te zetten.
“Ja? Wat nu weer?”, zegt de jongen die in eerste instantie vond dat zijn vriend niet de muziek moest uitzetten toen ik het vroeg.
“Zou je alsjeblieft de muziek zachter kunnen zetten? Ik en vele andere zouden dat erg op prijs stellen.”
“Nee, jij luistert ook muziek, wij doen dat ook. En wat als wij de muziek niet zachter zetten, ga je me dan slaan?”
“Ik zou niet weten waarom ik jou zou moeten slaan. Ik vraag alleen maar vriendelijk of je de muziek zachter wilt zetten, omdat ie erg luid staat.”
“Ja en? Ik doe het niet, en ga je me nu slaan?”
Dan besluit je maar, je eigen verstand op nul te zetten en heel vreemd, na een paar seconden gaat de muziek toch uit.

In Eindhoven op het busstation stap je uit en denkt, zielige mensen die vanavond naar Veghel moeten. Die weten niet wat ze te wachten staat, 30 minuten lang ♫ “Smoke weed, smoke weed, smoke weed, smoke weed…” ♫